Zijn woningen uit de fabriek de oplossing voor het woningtekort?
In dit artikel:
In Amsterdam-Zuidoost laat Brasa Village zien hoe woningbouw sneller kan worden aangepakt: 520 sociale huurwoningen stonden er in minder dan drie jaar, op tijdelijke grond. Volgens betrokkenen zit de winst niet alleen in prefab bouwen, maar vooral in een veel eerder en strakker samenwerkingsproces. Gemeente, corporaties, architecten en bouwers zaten vanaf het begin gezamenlijk aan tafel, waardoor het ontwerp in zes maanden rond kwam, terwijl zo’n traject normaal jaren duurt.
Die versnelling is belangrijk, omdat de periode tussen eerste plan en oplevering in Nederland vaak nog zeven tot vijftien jaar bedraagt. Amsterdam wil deze werkwijze uitbreiden en mikt op nog eens 1.500 flexwoningen in de komende jaren. Ook in Zaandam, waar in de Rosmolenbuurt fabriekswoningen zijn geplaatst die nauwelijks van gewone nieuwbouw te onderscheiden zijn, blijkt dat industrieel bouwen prima kan samengaan met een goede uitstraling en een permanente plek in de wijk.
Tegelijk blijft er wantrouwen bestaan rond woningen uit de fabriek, omdat veel mensen nog denken aan sobere, standaard units. Daarom worden digitale gebiedsmodellen steeds belangrijker: die maken het plan al in een vroeg stadium zichtbaar voor ontwerpers, bouwers en bewoners. Met steun van het Rijk is de ambitie om in 2030 de helft van de nieuwbouwwoningen industrieel te bouwen en in minstens de helft van de projecten datagedreven te werken.
De Oranjezomer: Rutger Castricum ziet Michael Reiziger niet zitten als bondscoach: 'Dan stop ik met kijken!'