Wethouders over niet stoppen woonproject Stek Oost: ''Incidenten kunnen overal voorkomen''
In dit artikel:
De gemeente heeft het omstreden woonexperiment Stek Oost in 2023 niet stopgezet, ondanks dat verhuurder Stadgenoot op 13 juli dat jaar vroeg het project te beëindigen. Wethouders Zita Pels (Volkshuisvesting) en Rutger Groot Wassink (Opvang) geven dat toe in een brief aan de gemeenteraad en motiveren hun keuze: zij vonden het inschakelen van politie, Openbaar Ministerie of de bestuurlijke “driehoek” niet noodzakelijk omdat risico’s nooit volledig uit te sluiten zijn en dergelijke incidenten in de stad kunnen voorkomen.
Stek Oost, een gemeentelijk experiment waarin statushouders en studenten samenwonen, stond de afgelopen jaren in het middelpunt van kritiek. Bewoners meldden stalking, grensoverschrijdend seksueel gedrag en geweld; in 2022 werden ongeveer twintig aangiftes gedaan. Volgens Zembla en Stadgenoot vond er in de zomer van 2023 mogelijk een groepsverkrachting plaats, werden meerdere geweldsincidenten en drugsdeals gemeld, en is later een Syrische bewoner veroordeeld voor twee verkrachtingen in het gebouw. Stadgenoot zei toen dat het de veiligheid niet meer kon garanderen.
Na overleg tussen gemeente en Stadgenoot werden die zomer wel bezuinigingen op het concept doorgevoerd: de samenstelling veranderde van 50/50 naar ongeveer 70% studenten en 30% statushouders, en er kwam extra cameratoezicht. De gemeente corrigeerde ook een eerdere onjuiste mededeling dat Stadgenoot niet bestuurlijk had gevraagd te stoppen. Het project loopt door tot 2028; sommige bewoners voelen zich nog steeds onveilig, terwijl Stadgenoot recent spreekt van ‘rustiger wonen’. Woensdag debatteert de raadscommissie Woningbouw en Volkshuisvesting verder over het gemeentelijk optreden.