Verdachte steekpartij bij de Dam wilde mensen 'laten boeten voor financieren oorlog in Oekraïne'
In dit artikel:
Roman D., een 30‑jarige Oekraïner en gedeserteerde militair, wordt verdacht van het neersteken van vijf voorbijgangers op 27 maart 2025 in de Sint Nicolaasstraat en Gravenstraat in het centrum van Amsterdam. Het Openbaar Ministerie beschuldigt hem van poging tot moord of doodslag op vijf personen en voert dat op als daad met een terroristisch oogmerk: volgens justitie was er sprake van een poging om de samenleving maximaal te schokken en angst te zaaien.
Tijdens de vijfde pro-formazitting maakte het OM bekend dat D. in december tegen zijn gevangenisbewaarders heeft verklaard dat hij handelde omdat “belastingbetalers in Europa moesten boeten voor het financieren van de oorlog” in Oekraïne; die uitspraken zijn aan het dossier toegevoegd. Ook zouden opmerkingen van hem zijn vastgelegd waaruit blijkt dat hij de slachtoffers in de rug stak om hen snel adem te laten happen en dat hij het opnieuw zou doen als hij vrijkwam. Het is onduidelijk of hij sympathie heeft voor Rusland of Oekraïne.
Nieuw bewijsmateriaal omvat verklaringen van oud‑collega’s uit het Oekraïense leger. Een voormalige majoor beschrijft D. als degelijk in zijn taken maar politiek provocerend en wisselvallig in overtuigingen; een jeugd‑ en dienstmakker noemt hem gedisciplineerd, maar wijst op een hersenschudding uit de oorlog die mogelijk zijn persoonlijkheid heeft veranderd. De verdediging speelt die mogelijke hersenbeschadiging als verklaring voor gedragsverandering naar voren.
Onderzoek wijst uit dat D. zich een dag voor de steekpartij in het Delta Hotel op het Damrak meldde en via notities en zoekopdrachten op zijn telefoon zijn aanval voorbereidde (onder meer plannen voor het aanschaffen van messen en het uitkiezen van oudere slachtoffers). De beschreven slachtoffers — een Amerikaans echtpaar (69 en 67) en drie andere wandelaars (een Poolse man, een Nederlandse vrouw van 19 en een Belgische vrouw) — raakten allen ernstig gewond maar ontsnapten ternauwernood aan de dood.
Omdat D. ter psychiatrische en gedragsobservatie naar het Pieter Baan Centrum wordt overgebracht, loopt de zaak vertraging op; de inhoudelijke behandeling is pas voor dit najaar gepland. De volgende pro-formazitting staat gepland op 1 juli.