Van drassig weiland tot wereldluchthaven: Schiphol precies 100 jaar in handen van Amsterdam
In dit artikel:
Van een drassig weiland in de Haarlemmermeer waar in september 1916 de eerste militaire toestellen landden, is Schiphol in honderd jaar uitgegroeid tot een van de drukste luchthavens van Europa. Op 1 april 1926 nam de gemeente Amsterdam de luchthaven over van het ministerie van Oorlog; het besluit tot overdracht werd al op 25 december 1925 vastgelegd met een krediet van ruim 1 miljoen gulden voor verbetering en inrichting.
Robert Lagendijk, Heritage Officer van Schiphol, illustreert de transformatie met voorwerpen en documenten uit het archief: van een jaren‑50 havendienstjasje tot het overdrachtsstuk waarmee het beheer in 1926 officieel bij Amsterdam kwam. Waar het terrein aanvankelijk zo moerassig was dat hij het “Badplaats Schiphol” noemt, ontstond in de jaren twintig al snelle groei door toegenomen post‑ en goederentransport. KLM begon in 1920 met de eerste lijndienst op Londen; dat jaar werden 440 passagiers vervoerd.
Na de gemeentelijke overname volgden ingrepen als een betonnen platform en betere wegen; met het oog op de Olympische Spelen van 1928 kreeg Schiphol extra aandacht als visitekaartje van de stad (bij die gelegenheid bezocht koningin Wilhelmina het speciaal gebouwde stationsgebouw). Tijdens de Tweede Wereldoorlog namen de Duitsers de luchthaven over, breidden ze het banenpatroon uit en beschadigden bombardementen en terugtrekkende troepen de infrastructuur, maar het vliegverkeer kwam snel weer op gang en Schiphol zette zijn expansie voort.
Een sleutelfiguur in die ontwikkeling was voormalig vlieger en havenmeester Jan Dellaert (1883–1960). Hij woonde praktisch op het terrein, hield zich persoonlijk met het onderhoud bezig en ontwierp na de oorlog een nieuw, waaiervormig banenstelsel — een “tangentieel” patroon — dat flexibiliteit biedt bij wisselende windrichtingen en de basis werd voor het moderne Schiphol. De functie van havenmeester bestaat nog steeds; inmiddels zijn het er elf, waaronder Maarten Bus, die de operationele veiligheid en orde bewaakt. Bus zegt dat hij in Dellaerts traditie staat en het honderdjarig verband tussen luchthaven en stad een bijzondere mijlpaal vindt.
Tegenwoordig verwerkt Schiphol naar verwachting meer dan 70 miljoen passagiers per jaar, een ontwikkeling die terugvoert op de vroege keuzes voor gemeentelijk beheer, doelgerichte infrastructuur en de visie van pioniers als Dellaert en KLM‑oprichters.