Stadsdeelpolitici hebben nog maar weinig echt te zeggen: werkt het systeem nog wel?
In dit artikel:
De Amsterdamse stadsdeelpolitiek staat opnieuw onder druk nu de stadsdeelcommissies in Nieuw-West en Zuidoost negatief adviseerden over door het college voorgedragen stadsdeelbestuurders. Vandaag beslist de gemeenteraad of die adviezen worden gevolgd en of er nieuwe kandidaten moeten komen. De onrust draait niet alleen om de plotselinge afzegging van Brahim Abid, die eerst voor Nieuw-West was voorgedragen maar inmiddels kandidaat-wethouder in Utrecht is, maar vooral om een bredere frustratie: veel stadsdeelpolitici vinden dat hun stem nauwelijks gewicht heeft.
Volgens politicoloog Floris Vermeulen is dat probleem structureel. Stadsdelen mogen wel adviseren, maar echte macht ontbreekt, terwijl inwoners wél het idee krijgen dat hun gekozen vertegenwoordigers iets te zeggen hebben. Dat wekt verwachtingen die het systeem niet waarmaakt. Vooral in stadsdelen als Nieuw-West en Zuidoost, waar de opkomst laag is en wantrouwen richting de gemeente groot, leeft het gevoel dat Den Haag en de Stopera te ver van bewoners afstaan.
Vermeulen wijst erop dat Amsterdam vroeger veel meer bestuurlijke ruimte gaf aan stadsdelen. Tot 2010 hadden stadsdelen als Osdorp, Noord en andere gebieden eigen raden die over meer zaken zelf konden beslissen. Dat werd later teruggedraaid omdat het volgens het Rijk te duur en inefficiënt was. Hoewel die oude opzet volgens hem ook nadelen had, zoals versnippering, ziet hij nog altijd voordeel in meer lokale zeggenschap: stadsdeelbestuurders kennen de wijkproblemen beter en kunnen sneller handelen bij onderwerpen als armoede, jeugdbeleid en andere buurtkwesties.
Tegelijk zet hij vraagtekens bij de huidige stadsdeelcommissies, die volgens hem vooral symbolische waarde hebben zolang ze alleen mogen adviseren. Zijn conclusie: Amsterdam heeft lokale politiek nog steeds hard nodig als brug naar bewoners, maar het huidige systeem maakt die rol te zwak.
De Oranjezomer: Rutger Castricum ziet Michael Reiziger niet zitten als bondscoach: 'Dan stop ik met kijken!'