Sam Ooms ontdekt het verhaal over Sally: 4 en 5 mei portretten
In dit artikel:
Straathandel, en in het bijzonder de verkoop van zuurwaren, hoorde vóór de Tweede Wereldoorlog bij het dagelijkse straatleven van Amsterdam en werd vaak door Joodse families uitgeoefend. De zuurhandel van familie De Leeuw is een van de weinige die de oorlog overleefde en het ambacht tot op de dag van vandaag voortzet. Zesde generatie-ondernemer Sam Ooms staat op 4 en 5 mei stil bij de offers van zijn familie en bij het tragische lot van een jong familielid.
Enkele jaren geleden ontdekte Ooms in het Nationaal Holocaustmuseum een foto die jarenlang thuis niet benoemd werd: een driejarig jongetje met de naam Sally de Leeuw. Uit verder onderzoek bleek dat Sally tijdens de oorlog op een crèche aan de Plantage Middenlaan zat en vanuit daar werd gedeporteerd naar Auschwitz, waar hij op driejarige leeftijd overleed. In de familie was over hem gezwegen – Ooms’ oma viel stil zodra zijn naam viel – waardoor het verhaal lange tijd onbesproken bleef.
Ooms zegt dat het museum helpt om die vergeten herinnering terug te geven: “Dankzij het museum hebben we zijn herinnering weer tot leven kunnen brengen. Een naam krijgt weer betekenis, een leven wordt opnieuw herinnerd.” De vondst onderstreept hoe persoonlijke geschiedenissen door archieven en herdenkingen worden hersteld.