Inez Weski: 'Ik sprak bij inval nooit de woorden die justitie nu als verkapte bekentenis aanvoert'

donderdag, 9 april 2026 (11:31) - Het Parool

In dit artikel:

Ex-advocaat Inez Weski (71) ontkent stellig dat zij op 21 april 2023, direct na de politie-inval in haar huis, de door justitie geciteerde woorden heeft uitgesproken die door het Openbaar Ministerie als veelzeggend worden gepresenteerd. Op de openingsdag van het meerdaagse pleidooi van haar vier advocaten was Weski wegens haar fragiele gezondheid afwezig; raadsman Geert‑Jan Knoops las een door haar geschreven openingsverklaring voor.

Procureurs hebben in hun requisitoir passages aangehaald waarin Weski kort na de arrestatie zou hebben gezegd dat ze het niet gewild had en het niet zou overleven. Weski verwerpt die weergave: zij stelt dat zij in een uiterst stressvolle en medisch zorgwekkende toestand verkeerde (zij lijdt aan ernstige suikerziekte), dat haar uitspraken niet bewust en niet in de aangehaalde bewoordingen zijn gedaan, en dat haar advocaat nog niet aanwezig was toen de citaten zouden zijn gedaan. Volgens de verdediging is Weski ook niet tijdig geconfronteerd met die veronderstelde uitspraken en heeft zij het proces‑verbaal met die citaten niet te controleren gekregen. Wel erkent ze enkele opmerkingen te hebben gemaakt over haar eerdere bijna-doodervaringen en het risico op overlijden, maar benadrukt dat die niet hetzelfde zijn als een bekentenis.

Weski benadrukt verder dat zij nooit over berustende kennis beschikte dat de cliënt die ze jarenlang bijstond — aangeduid in de zaak 26Palma — betrokken was bij drugshandel of witwassen. Haar werk voor hem bestond volgens haar uit strafzaken over geweld (niet drugs), civiele procedures, mediazaken, mensenrechtenzaken en juridische bijstand rond de aanhouding van twee broers in Marokko. Ze stelt nooit een dossier over een criminele drugscilinder te hebben ontvangen. In het 26Palma‑proces wordt haar verweten drugshandel en witwassen van die cliënt te hebben gefaciliteerd; zij vraagt de rechtbank zich niet te laten leiden door wat zij noemt een web van vermoedens en aannames van het OM.

Daarnaast richtte advocate Carry Knoops zich op de detentieomstandigheden na Weski’s arrestatie: eerst werd zij vastgehouden op een politiebureau in Houten en vervolgens negen dagen in een ondergrondse bunker in Kamp Zeist. De verdediging formuleerde negen verweren, die erop zijn gericht het Openbaar Ministerie niet‑ontvankelijk te laten verklaren vanwege vermeende schendingen van rechten en procedurele fouten die volgens hen het vervolgingsrecht zouden hebben uitgehold.