Expats James (55) en Billy (33) leggen vloeren bij mensen die dat zelf niet kunnen
In dit artikel:
In Amsterdam-West zetten de expats James Whittaker (55, Brit) en Billy Cauley (33, Amerikaan) zich onbetaald in voor kwetsbare stadsgenoten via Serve the City. Op de bank van een woning monteren ze kastjes en hangen ze een groot, zwart wandmeubel; ze dragen T-shirts met de tekst “be kind, serve the city”. Het is onderdeel van een reeks klusprojecten die de organisatie laagdrempelig aanbiedt, vaak gevonden via een Engelstalige website die veel expats bereikt.
Whittaker leerde vrijwilligerswerk kennen tijdens corona en raakte betrokken nadat hij foto’s maakte voor een organisatie tegen huiselijk geweld. Sindsdien bouwde hij onder meer een insectenhotel bij een verzorgingshuis, maakte meubels voor een centrum voor jonge moeders en legde vloeren in woningen van mensen die dakloos waren geweest. Cauley sloot zich drie jaar geleden aan omdat hij in Amsterdam nieuwe mensen wilde ontmoeten; binnen dagen stond hij muren te verven. Beiden beschouwen dit als hun manier om als tijdelijke bewoners iets terug te geven aan de stad: ”It’s the right thing to do,” zegt Cauley.
Beide mannen brengen eigen gereedschap mee, maken soms gebruik van een bakfiets van Serve the City en kunnen putten uit Whittakers grote zaagmachine voor het op maat zagen van vloerdelen. Vaak werken ze in het weekend; sommige weken steken ze zo’n twintig uur in vrijwilligersklussen, andere keren meer, vooral bij vloeren. Hun professionele achtergronden — Whittaker als productontwerper met ervaring in hout- en metaalwerk, Cauley als chemicus die oplossingen bouwde in klantenondersteuning — komen goed van pas bij de praktische karweien.
De mannen weigeren betaald werk voor particulieren en voeren klussen uitsluitend als goed doel uit, ook al werden ze eens aangezien voor professionele vloerenleggers. De beloning is volgens hen vooral emotioneel: het gevoel iets wezenlijks te hebben bijgedragen en mensen blij te zien vertrekken uit een ruimte in betere staat dan ze aantroffen. Dat levert graag stoffige kleren en pijnlijke ruggen op, maar ook voldoening.
Serve the City koppelt vrijwilligers aan uiteenlopende projecten — van hulp aan slachtoffers van huiselijk geweld tot steun aan jonge moeders en verzorgingstehuizen — en draagt zo bij aan maatschappelijke binding en praktische ondersteuning. Whittaker en Cauley illustreren hoe expats met vakmanschap en vrije tijd concrete impact kunnen hebben in de stad, soms met een knipoog: “AI kan geen vloeren leggen,” grappen ze terwijl ze het volgende meubel aan de muur bevestigen.