De Amsterdamse raadzaal heeft zijn rode accenten afgelegd en gaat nu verder in taupe, crème en beige
In dit artikel:
Zaterdag kan het publiek voor het eerst binnenlopen in de heringerichte raadzaal van het Amsterdamse stadhuis. De ruimte is vorige week officieel in gebruik genomen door de oude en de nieuwe gemeenteraad, na een ingrijpende opknapbeurt die vooral gericht is op functie en comfort, met een veel neutralere uitstraling dan sommige Amsterdammers misschien hadden gewild.
De oorspronkelijke raadzaal uit 1985 van Wilhelm Holzbauer vertoonde na bijna veertig jaar slijtage en saaiheid; de renovatie is daarom broodnodig geweest. De opdracht ging naar het Bossche bureau De Twee Snoeken, dat eerder al de kantoren en vergaderruimtes langs de Zwanenburgwal en het Waterlooplein transformeerde tot kleurrijke, informele werkzones. Voor de raadzaal koos men echter voor een ingetogen palet: taupe, crème, beige, lichtgrijs, blank gewaxed hout en een subtiel rood accent — een look die doet denken aan hedendaagse hotels en Scandinavisch-Japanse invloeden. Sommige critici missen een meer gedurfd, rebels Amsterdams karakter.
Functioneel zijn er duidelijke verbeteringen. De zaal is lichter en hoger gemaakt, met metershoge ramen aan de zuidwestkant en een nieuwe lichtsculptuur van Joost de Beij in plaats van de vroegere enorme luchter. Deze lichtinstallatie met cirkelvormige armaturen en zilverkleurige ‘blaadjes’ vangt zonlicht en verspreidt het over de fracties. Raadsleden zitten in halve cirkels om de burgemeester heen aan tafels met chipwoodbekleding; het presidium beschikt over een gebogen, slanker scherm versierd met subtiele andreaskruisen. De publieke tribune is achter een stevige balustrade geplaatst en heeft een nette, gelijkwaardige plek voor rolstoelgebruikers en scootmobiels bij de ingang.
Ook techniek en comfort zijn aangepakt: akoestische ribwanden boven de tribune dempen de vroeger harde nagalm, en een ventilatiesysteem blaast frisse lucht onderin de balustrade in en voert die bovenlangs af. De architecten en het presidium haalde inspiratie uit andere raadszalen, met ’s-Hertogenbosch als voorbeeld en Almere iets om juist te vermijden.
Kortom: een modern, functioneel en rustig vormgegeven raadzaal die decennia mee moet kunnen — mits die ingetogen sfeer de levendige politieke debatten niet dempt.