Amsterdams raadslid Milka Yemane (40) was als kind 'illegaal': 'Je durft niet te dromen'

maandag, 13 april 2026 (17:17) - Het Parool

In dit artikel:

Milka Yemane (40), van Eritrese afkomst en onlangs opnieuw gekozen voor GroenLinks in de Amsterdamse gemeenteraad, vertelt hoe dertien jaar zonder geldige papieren haar gevoel van bestaansrecht aantastte. In een interview vanuit haar huis in Amsterdam-Noord schetst ze het persoonlijke en sociale prijskaartje van een ongedocumenteerd bestaan nu de Eerste Kamer volgende week moet beslissen over de strafbaarstelling van illegaliteit — een wetswijziging die verblijf zonder papieren tot een strafbaar feit maakt en uitlevering of detentie kan volgen.

Yemane, ook voorzitter van de raad van toezicht van War Child, verzet zich tegen het woord “illegaliteit” en tegen de beoogde handhaving. In de Amsterdamse raad diende ze een breed gesteunde motie in waarin de stad vastlegt niet actief te zullen handhaven en de “jacht op ongedocumenteerden” achterwege te laten. Haar betrokkenheid bij oorlogskinderen en haar eigen ervaring geven haar pleidooi veel gewicht: ongedocumenteerden ervaren volgens haar een voortdurende vernedering en onzekerheid, het idee dat je “niet het recht hebt om te bestaan”.

Haar leven begon in een asielzoekerscentrum in Wildervank en vervolgde in een roa-woning in Assen, waar het gezin tijdelijk geïntegreerd raakte in de buurt. Toch stonden onderwijs, werken en normale sociale deelname onder druk: geen sofinummer betekende geen bijbaantje, geen toegang tot sommige activiteiten en de noodzaak van stempelafspraken bij de vreemdelingenpolitie. De spanning en het constant “survivalgevoel” maakten het moeilijk om te dromen of toekomstplannen te maken. Discriminatie op school en kleine, pijnlijke voorvallen van racisme maakten grote indruk; als moeder nu kan ze zich niet voorstellen dat haar kind zulke ervaringen nog steeds moet doorstaan.

Haar papieren kwamen uiteindelijk na veel onzekerheid en procedures. Dankzij bemiddeling van een medewerker van Vluchtelingenwerk en een onverwachte tussenkomst — een mail naar prinses Máxima, zo beschrijft het verhaal — kreeg het gezin uiteindelijk een verblijfsvergunning, na jarenlang telkens een jaarvergunning te hebben gehad en uiteindelijk naturalisatie op haar 25e. De ervaring heeft haar politiek en maatschappelijk gevormd: ze benadrukt dat veel asielzaken niet zwart-wit zijn, dat fouten in het systeem voorkomen en dat empathie en juridische bijstand vaak uitmaken of iemand mag blijven.

Yemane hekelt simplistische debatten die vluchtelingen de schuld geven van maatschappelijke problemen en pleit voor meer begrip van de complexe procedures en menselijke verhalen achter “illegaal” zijn. Haar oproep is praktisch en moreel: gemeenten als Amsterdam zouden moeten blijven kiezen voor niet-handhaven en voor bescherming van kwetsbare mensen, juist nu landelijke wetgeving hen harder kan treffen.